Pompoe-dom

zondag 2 mei 2010

Van tuinieren weet ik hoegenaamd niets, ondanks het feit dat mijn grootouders van moerskant fervente moestuinders waren. Over mijn oma ging zelfs de grap dat men haar beter aan heur achterwerk dan aan haar gelaat kon herkennen, zo vaak als ze voorover gebogen in de Limburgse aarde stond te wroeten.

Die groene vingers heb ik echter niet genetisch overgeërfd en aanvankelijk wist ik dan ook niet wat ik moest aanvangen met een zakje pompoenzaden dat ik van groenteman Sjoerd in m’n handen kreeg gedrukt. Behalve de riskante vraag “Hoe groot is die van u?” vond ik op de achterzijde geen nadere aanwijzigen omtrent de werkwijze tot het uitzaaien en kweken.

Gelukkig bood de weekendgids van dagblad Trouw op zaterdag 1 mei uitkomst, dankzij een verhaal door Nicolien van Doorn:

Stop een of twee pitten in een potje met potgrond, geef ze water en zet de potjes op een warme vensterbank. Zodra de zaailingen twee tot vier blaadjes hebben, mogen ze naar buiten – tenzij er nachtvorst wordt verwacht.
Het lijkt overdreven om de zaailingetjes een paar meter uit elkaar te zetten, maar ik zou het toch maar doen.

Ondanks mijn agrarische onkunde – ik ben zogezegd pompoe-dom – zal ik tòch een poging wagen om wat van deze vruchten te telen en daarvan op dit weblog verslag uit te brengen.

Het door ‘De Èchte Groenteman’ bedachte wedstrijdelement is aan mij evenwel niet besteed: “De kweker van de zwaarste pompoen wint een weekend arrangement (sic) in een bungalowpark in Nederland”. Ik moet er niet aan denken…!

Advertenties
Categorieën:Gewassen, have & producten Tags:
  1. maandag 3 mei 2010 om 10.58

    Idem hier: grootouders met lappen grond en groene vingers waarvan ik geen gen heb meegekregen 😦 Haha wat een enige prijs. Zonder gekheid lijken zelfs de hipste vrienden (met kinderen, vandaar) bungalowparken herontdekt te hebben. Ze vinden het serieus leuk.

  1. No trackbacks yet.
Reacties zijn gesloten.